Erve Hazelbekke bijna verloren

Een voor Twente bijzondere boerderij dreigt te verdwijnen. Dit achtergrondartikel gaat over de pogingen tot behoud en de vele hobbels die in de weg bleken te zitten.

De huidige boerderij De Hazelbekke in Nutter wordt in 1297 al genoemd als bezit van de Commanderie Ootmarsum. In 1800 werden de boerderij, de watermolen en de omliggende landerijen als domeingoederen van het Rijk openbaar verkocht. Voor 8.000 gulden werd Gerrit Hazelbekke eigenaar. In die tijd was het één van de grootste boerderijen in Twente. Het zgn. hallehuis bestond uit niet minder dan 10 gebinten.

In de 20ste eeuw kocht de familie Bouhuis de boerderij en bouwde een nieuw woonhuis en grote stallen. Aan de overzijde van het erf, aan de Vasserweg stond de uit 1846 stammende windmolen. De molen is afgebroken in 1960. De oude boerderij, nu met het adres Vasserweg 32, had ook nog een watermolen waar boekweitmeel gemalen werd. Deze molen raakte steeds meer in verval. Jan Jans maakte hiervan nog fraaie tekeningen. De watermolen werkte tot 1945. Hij stortte in 1961 geheel in en werd geruimd.

 

Op dit moment staat de boerderij er nog steeds, compleet met twee vakwerkschuren. De boerderij is niet meer bewoond, doet al bijna 30 jaar dienst als opslagruimte en verkeert in bijzonder slechte staat. Vele studenten hebben als stageopdracht de boerderij tot in detail ingetekend.

In verband met de uitvoering van het programma Natura 2000 was de gemeente Dinkelland, samen met de provincie al een tijdje in gesprek met de familie Bouhuis. Het Openluchtmuseum Ootmarsum werd benaderd om te onderzoeken of de boerderij overgeplaatst kon worden naar het park van het museum. Het thema van het museumpark is "Het land van Heeren en Boeren". Een boerderij van dit kaliber zou een meer compleet beeld van de ontwikkeling van de landbouw in Twente in vorige eeuwen kunnen geven. Samen met al in het museum staande Los Hoes en de boerderij De Heinenboer.

Het boerenbedrijf van de familie Bouhuis ligt midden in een waardevol natuurgebied en dat botst met intensieve landbouw op deze plek. Het dal van de Hazelbeek is één van de mooiste wandelgebieden van Landschap Overijssel en Staatsbosbeheer. In het kader van het programma Natura 200 worden oude waterlopen hersteld en daardoor krijgt het beekdal steeds meer waarde als natuurgebied.

Samen met de Gemeente Dinkelland heeft het museum het gesprek gevoerd met de Provincie Overijssel, de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, de Stichting RIBO en de Koninklijke Nederlandse Heidemaatschappij afdeling Overijssel. Ook Staatsbosbeheer en Landschap Overijssel zijn hierbij betrokken. Ben Olde Meierink van bureau BBA stelde een rapport op over de aanwezige bouwsubstantie en Bureau Pressler uit Gersten deed dendrologisch onderzoek. Het bleek dat de oudste balken van het gebint uit 1753 stamden. Het rapport gaf ook aan dat het gebouw in slechte staat was, dat er veel noodmaatregelen waren genomen om het gebouw, dat vele keren aangepast en verbouwd is, overeind te houden. Ook werd vastgesteld dat het originele interieur verdwenen was. En daar kwam nog eens bij dat de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed de eis stelde dat bij een reconstructie op het museumterrein, de erfbebouwing als geheel een plek zou moeten krijgen. Dat betekende dat niet alleen de boerderij, maar ook de twee vakwerkschuren verplaatst zouden moeten worden: financieel een zware extra last.

Aan de keukentafel bij de familie Bouhuis moesten we samen met de gemeente tot de slotsom komen dat dat het voor het museum niet haalbaar is de historische boerderij met watermolen De Hazelbekke nieuw leven te geven. Te weinig bouwsubstantie en te hoge kosten maakten dit plan te moeilijk. Jammer dat hiermee weer een stukje Twents historisch erfgoed gaat verdwijnen.

Rob Meijer (Openluchtmuseum Ootmarsum) – juni 2016    

Museum Ootmarsum - logo

Ga terug